Carrasco-Uribarren et al (2021)

Hoog Cervicale Manipulaties voor Cervicogene Duizeligheid

Hoog cervicale manipulaties zouden zelfgerapporteerde klachten in duizeligheid kunnen minderen

Een drietal sessies zouden voldoende kunnen zijn voor een effect

Inleiding

Cervicogene duizeligheid is een type duizeligheid die gedefinieerd wordt als: de sensatie van beweging van het lichaam in de ruimte omwille van disfunctie van de nek. Klinische karakteristieken zijn vaak een dronken gevoel, veranderde cervicale proprioceptie, beperkte cervicale ROM, nekpijn, en een onvermogen om dagelijkse activiteiten uit te voeren als gevolg van duizeligheid. Verschillende auteurs suggereren dat dit gevoel kan worden behandeld door de disfuncties van de cervicale wervelkolom aan te pakken. Manuele therapie is voorgesteld om de frequentie en intensiteit te verminderen. In dit artikel wordt onderzocht of een tractie-manipulatieprotocol in de rustpositie van de cervicale wervelkolom resulteert in een vermindering van de zelfperceptie van de patiënt van duizeligheid zoals gemeten met de Dizziness Handicap Inventory (DHI).

Methode

Deze single blinded studie randomiseerde in aanmerking komende patiënten in twee groepen: de interventiegroep en de controlegroep.

Inclusiecriteria waren: duizeligheid geassocieerd met nekstijfheid of pijn (> 3 punten op de visuele analoge schaal); leeftijd > 18 jaar; en een indicatie (hypomobiliteit in Occipital-Atlas (OA), Atlas-Axis (AA)), en Axis-C3 (AC3)) voor tractie-manipulatie behandeling.

Exclusiecriteria waren: duizeligheid ten gevolge van andere aandoeningen, in de afgelopen drie maanden een cervicale behandeling hebben ondergaan, een rode vlag vertonen, of betrokken zijn bij een compensatieproces voor de cervicale wervelkolom.

A priori werd de steekproefgrootte berekend, waarbij 20 patiënten per groep nodig waren. De primaire uitkomstmaat was de DHI. Secundaire uitkomstmaten waren duizeligheid intensiteit (VAS) en cervicale mobiliteit (CROM inclinometer).

De interventie bestond uit drie behandelsessies met elk een duur van 11 minuten. Na een vasculaire ziektescreening en een ontspannende massage werd de high-speed, low-amplitude techniek toegepast waarbij de minste kracht werd gebruikt om het segment te mobiliseren. De behandelde segmenten waren OA, AA en AC3.

De controlegroep werd gevraagd in rugligging op de onderzoekstafel te liggen voor dezelfde duur als de interventiegroep.

Cervical manipulation dizziness
Van: Physiotherapy Theory and Practice, Carrasco-Uribarren et al (2021). Cervicale tractie-manipulatie voor cervicogene duizeligheid.

Resultaten

Tweeëndertig mannen en acht vrouwen werden geïncludeerd met een gemiddelde leeftijd van 54 ± 14,09 jaar. Proefpersonen in de interventiegroep rapporteerden een lagere score op de DHI op T1 (48 uur) en T2 (een maand) met een effectgrootte van respectievelijk 0,76 en 0,92.

Talk nerdy to me

Dit is een vrij interessante kleine studie. Een eenvoudige interventie werd geleverd om te zien of het beter presteert dan een controlegroep.

Een van de belangrijkste vragen bij het lezen van een artikel zou moeten zijn: Hoe kan ik deze resultaten anders verklaren? Je zou zeggen dat manipulaties effectief zijn in het verminderen van duizeligheidsklachten door deze studie. Dit zou het geval kunnen zijn, echter, de deelnemers kregen een zogenaamde ‘functionele’ massage voorafgaand aan de manipulatie. Het zou heel goed kunnen dat dit de afname heeft veroorzaakt. Een vergelijking zou dat kunnen ophelderen. Een vergelijking met cervicale mobilisaties zou ook interessant kunnen zijn, omdat niet alle clinici getraind zijn in manipulaties met hoge snelheid en laag amplitude, en dit zal het risico ervan verminderen.

Een andere verklaring zouden de contextuele effecten kunnen zijn (cavitatie, aandacht, het gevoel behandeld te worden, enz.). Gezien de relatief grote effectgroottes en de korte behandelingssessies is het echter minder waarschijnlijk dat contextuele effecten verantwoordelijk zijn voor het volledige effect. Wat we echter niet uit het oog mogen verliezen, is dat kleine steekproeven door ruis in de data grotere effectgroottes kunnen aangeven. Een grotere proef zou ons iets beter kunnen informeren over de ware grootte van het effect van deze interventie.

De manier waarop de controlegroep meedeed was een beetje eigenaardig. In plaats van een placebo te geven of gewoon af te wachten, vroegen zij de deelnemers om op de tafel te gaan liggen en helemaal niets te doen.

Natuurlijke historiek of regressie naar het gemiddelde zijn gebruikelijke verklaringen voor effecten na een interventie. De controlegroep bleef echter stabiel tijdens de proeven, wat wijst op een daadwerkelijk effect van de interventie.

In de studie werden andere uitkomstmaten onderzocht, die wij in deze bespreking buiten beschouwing laten omdat de studie daarvoor niet voldoende statistische power had – waardoor zij van exploratieve aard zijn.

Het zal interessant zijn om toekomstige ontwikkelingen binnen dit onderwerp te zien.

 

Referentie

https://pubmed.ncbi.nlm.nih.gov/34496721/

AANDACHT THERAPEUTEN DIE PATIËNTEN MET VERTIGO WILLEN BEHANDELEN

LEER DE MEEST VOORKOMENDE OORZAAK VAN DUIZELIGHEID TE BEHANDELEN IN DEZE GRATIS MINI-VIDEO-REEKS

Vooraanstaand Vestibulaire Revalidatie Expert Firat Kesgin neemt je mee op een 3-daagse Video Cursus over hoe Benign-Paroxysmal Positional Vertigo (BPPV) te herkennen, te beoordelen en te behandelen.

Vestibular rehab opt in